Nieuws uit de werkvelden

Het Handboek ontwerpen voor kinderen bevat aanbevelingen voor een kindvriendelijke inrichting van de verblijfs- en verkeersruimte.
In het handboek vindt u beleidsmatige informatie, ontwerptechnische richtlijnen, voorbeelden, tips en aanbevelingen voor het kindvriendelijk en verkeersveilig inrichten van verblijfs- en verkeersruimten voor kinderen. De richtlijnen hebben betrekking op de leeftijdsgroep van 0 tot 13 jaar. Met behulp van checklisten kunnen de verkeersveiligheid en kindvriendelijkheid eenvoudig worden getoetst. De aanbevelingen zijn ook bruikbaar bij het ontwerpen van nieuwbouwlocaties.

Meer informatie: www.crow.nl

Lees meer...

Een klacht over veel nieuwbouwwijken, voornamelijk VINEX-locaties, is dat er te weinig openbare ruimte overblijft die bruikbaar is voor de jeugd. Volgens Bureau Speelruimte is daar wel iets aan te doen. Speelruimte doet de volgende aanbevelingen:

Speelruimte en bespeelbare openbare ruimte dienen vanaf het niveau van structuurplan als volwaardig element behandeld te worden, zowel in stedenbouwkundig opzicht als in de grondexploitatie.

Het is belangrijk dat de overheid zelf de regie houdt over de totale planontwikkeling en over de uitvoering van de inrichting van de openbare ruimte. De overheid moet die regie niet overdragen aan projectontwikkelaars. Projectontwikkelaars kunnen worden ingeschakeld voor de ontwikkeling van projecten 'binnen de rooilijnen en toegestane bouwhoogten'.

Daarnaast is een constructie met een gemeentelijke grondbank als buffer tussen plannen met positieve en negatieve saldi in de grondkosten van groot belang om negatieve gevolgen van 'calculerend' ontwerpen te voorkomen.

Meer informatie op de website van Bureau Speelruimte.
 

Lees meer...

Voor kinderen en jongeren is de ruimte om buiten te spelen en rond te hangen schaars. Het onderzoek 'Van de straat?' biedt een overzicht van wat in binnen- en buitenland bekend is over het gebruik dat kinderen en jongeren van de openbare ruimte maken en over de betekenis die deze voor hen heeft.

Binnenkinderen
Uit het overzicht dat 'Van de straat?' biedt, wordt duidelijk dat een vrij grote groep kinderen bijna nooit buiten speelt. Omdat er voor hen geen aantrekkelijke buitenruimte is of omdat die moeilijk te bereiken is. Deze kinderen wonen vooral in oude stadswijken. Bij de vernieuwing van deze wijken worden binnenterreinen en schoolpleinen volgebouwd. Buiten spelen wordt dan een luxe waarvoor zelfs op school of op de naschoolse opvang maar beperkt ruimte is. Maar ook kinderen die wel buiten spelen, gaan in hun eigen woonwijk nauwelijks zelfstandig op stap. De gemiddelde leeftijd waarop kinderen zelfstandig naar school gaan, is de afgelopen jaren gestegen. En op weg naar de club worden zij nog langer begeleid door hun ouders. Het is niet meer vanzelfsprekend dat kinderen buiten zijn en daar tijd doorbrengen. Daarom is het hoognodig dat de kwaliteit van het openbare gebied voor kinderen verbetert.

Kwaliteit
Het is een mythe dat kinderen overal wel spelen. Kinderen zijn net zo goed als volwassenen gevoelig voor de kwaliteit van ruimten, zo blijkt uit 'Van de straat?'. De kwaliteit van een ruimte is niet afhankelijk van hoe die eruit ziet, maar vooral van de gebruikswaarde. Daarom is het belangrijk om te weten hoe kinderen gebruik maken van de openbare ruimte. Dan kan daar al bij de planvorming rekening mee worden gehouden. Als kinderen en jongeren kunnen beschikken over openbare ruimte die goed aansluit op hun wensen, heeft dat een gunstig effect op hun motorische, sociale en emotionele ontwikkeling. En ook andere belangen zijn ermee gediend. Ouders worden aanzienlijk ontlast als kinderen veilig buiten kunnen spelen en zelfstandig naar school en club kunnen gaan.

Stedelijke vernieuwing
In het beleid voor stedelijke vernieuwing moeten gezinnen met kinderen een veel belangrijker plaats gaan innemen. Het is voor steden belangrijk dat er mensen wonen die daar geworteld zijn en die positieve ervaringen ontlenen aan hun kindertijd in de stad. De stad kan voor huishoudens met kinderen weer aantrekkelijk worden om te wonen als meer ruimte voor de jeugd wordt gereserveerd en als routes veiliger gemaakt worden. De huidige ontwikkeling laat zien dat sportvelden steeds verder opschuiven naar de rand van de stad. De herstructurering van een gebied kan worden aangegrepen om juist nieuwe kleinschalige sportvoorzieningen in de buurt aan te leggen.

Meer informatie
Het boek 'Van de straat? De relatie tussen jeugd en openbare ruimte verkend', geschreven door Lia Karsten, Els Kuiper en Hennie Reubsaet, is verschenen bij Uitgeverij Van Gorcum en is verkrijgbaar via de boekhandel.
ISBN 90-232-37447. NUGI 659, 729

Lees meer...

Opgroeien in een achterstandswijk is gerelateerd aan gedragsproblemen en kan leiden tot een uitbarsting van problemen bij de overgang naar adolescentie. Dat concluderen onderzoekers van de Universiteit van Maastricht op basis van een onderzoek in Rotterdam. Het effect staat los van de sociaal-economische status van het gezin. De openbare gezondheidszorg zou meer aandacht moeten schenken aan de omgeving waarin een kind opgroeit.

J. Schneiders e.a.: ‘Neighbourhood socioeconomic disadvantage and behavioural problems from late childhood into early adolescence’. In: Journal of Epidemiology and Community Health 2003; 57: 699703.

Een samenvatting van het onderzoek staat op www.jech.com

 

Lees meer...